Toneelvereniging Oleu ::: Oudleusen
- Oleu in de Media -
- Oleu speelde meer dan 200 uitvoeringen in 40 jaar
- "Oleu" jeugd verovert harten publiek - 19 februari 2007
OUDLEUSEN – Opmerkelijk bij het 40 jarig jubileum van Oleu is dat de meeste toneelspelers van het eerste uur nog steeds lid zijn van de vereniging.
Dat blijkt uit een gesprek met Thijs Hogenkamp (voorzitter vanaf 1969), Gerard Beumer (regisseur) en Wim van Lenthe (grimeur) en speelsters Johanna Roeberts en Alie Hogenkamp. Dit vijftal vormt samen een fotowerkgroep – ze stellen een fototentoonstelling samen voor de viering van het jubileum – en daarbij komen weer vele herinneringen bovendrijven.
De oprichters van Oleu in 1968 waren kunstschilder Han Douma en Jan van Lenthe (tweelingbroer van Wim van Lenthe) en de toneelvereniging kwam voort uit de CJV, die destijds een stuk speelde, geregisseerd door Douma. Jan van Lenthe verhuisde na korte tijd, maar – de inmiddels overleden - Douma was regisseur tot 1980. Deze creatieve vakman had vele ideeën maar liet de leden ook eigen initiatieven ontplooien.
Het eerste stuk van Oleu was ‘Regina’, een ernstig stuk wat vele malen is opgevoerd, ook in omliggende plaatsen. Meestal werden er echter blijspelen opgevoerd, omdat dat het meeste gewaardeerd werd door het publiek. Sommige stukken werden wel 10, 15 keer uitgevoerd per jaar en er waren weken waarin men wel 3 keer uit spelen ging, bij buurthuizen, oranjeverenigingen, bejaardenhuizen, enz. Eén optreden in Hasselt heugt de leden nog steeds: er waren zóveel activiteiten op dezelfde avond, dat er bij Oleu maar 10 mensen in de zaal zaten. Toen heeft het voltallige gezelschap daar maar meegedaan met de plaatselijke bingoavond en gingen ze bepakt met prijzen naar huis… Ruim 200 voorstellingen werden er gegeven in die 40 jaren, van Nagele tot Arnhem. Ze waren zelfs bij radio Oost te horen en kwamen op tv bij de NOS.
Al kort na aanvang kreeg Oleu de beschikking over een eigen oefenruimte, weliswaar op andermans grond: de leden verbouwden een hooiberg aan de Oosterkampen. Tot een jaar of 10 geleden oefenden ze daar altijd. De leden kijken er met plezier op terug, het was een gezellige plek, al was het heel primitief, geen sanitair of water. Als het erg koud was, kwam de buurvrouw soep brengen. Helaas werd de grond verkocht en moest men ander onderdak zoeken – dat werd gevonden in de school en tegenwoordig in de peuterspeelzaal.
De toneelvereniging was altijd zelf-voorzienend: regisseurs, souffleurs en grimeurs kwamen steeds uit de eigen gelederen en ook de decors werden zoveel mogelijk zelf gebouwd, soms met hulp van Frits Hofmeier. In het begin was Bertus Wolfkamp de grimeur, later is Wim van Lenthe zich het grimeren eigen gaan maken, met hulp van Henk van Oenen. Soms was er zó weinig tijd, dat de spelers in de auto gegrimeerd werden.
Een van de hoogtepunten was voor Oleu het spelen van het stuk ‘de Kroene’, over de historie van Oudleusen en geschreven werd door de eigen leden Willie van Oenen en Wim van Lenthe. Ze kregen er ook hele goede reacties op. Bijzonder vinden ze dat de vereniging na 40 jaar nog steeds bestaat en dat ze ieder jaar ongeveer een stuk op de planken hebben gebracht. Geschikte stukken vinden is steeds weer moeilijk, meestal werden ze aangekocht, op enkele uitzonderingen na.
Gevraagd naar de toekomst, vertelt Thijs Hogenkamp dat hij na 40 jaar in ieder geval stopt met het voorzitterschap. Verjonging is nodig: daartoe is enkele jaren geleden het jeugdtoneel opgericht. ‘Misschien moeten we ook senioren-toneel oprichten’, wordt er gegrapt..

Foto werkgroep Oleu
van links naar rechts:
Thijs Hogenkamp, Alie Hogenkamp, Gerard Beumer, Johanna Roeberts en Wim van Lenthe
*****
Op 17, 23 en 24 januari zijn er 3 feestavonden gepland, ter ere van het 40 jarig jubileum van Oleu. Alle leden spelen mee in diverse afwisselende, korte sketches, er valt veel te lachen en er is muziek. De fototentoonstelling van 40 jaar Oleu, met beelden van ieder jaar gespeeld stuk, wordt dan ook voor het eerst gepresenteerd. Later zal deze nog te zien zijn in de bibliotheek van Oudleusen.
(bron: de Dalfser Marskramer)